Wat de tegenbewijsregeling inhoudt
In het huidige box 3-stelsel betaal je 36% belasting over een forfaitair rendement. Je betaalt dat boven de vrijstelling van €59.357 per persoon (€118.714 voor fiscale partners). Met de tegenbewijsregeling kun je hiervan afwijken. Is je werkelijke rendement over al je box 3-vermogen lager dan het forfait? Dan reken je af over dat lagere rendement. Het forfait blijft het vertrekpunt.
Wat het werkelijke rendement is
Het werkelijke rendement bestaat uit de directe inkomsten (rente, dividend, huur) en de waardeontwikkeling van je bezittingen, gerealiseerd en ongerealiseerd. Je vergelijkt dit voor je hele box 3-vermogen, per kalenderjaar. Een goede administratie is dus het belangrijkste onderdeel van de regeling. Dat zijn saldi en waardes per 1 januari en 31 december en jaaroverzichten van bank en broker. Ook horen aan- en verkopen en ontvangen rente en dividend erbij. Heb je dat dossier op orde, dan kun je elk jaar opnieuw kiezen voor de gunstigste optie.
Voor wie de regeling loont
De regeling loont het meest bij een defensief profiel. Denk aan spaargeld, deposito's en obligaties, en aan jaren waarin je beleggingen per saldo gelijk bleven of daalden. Houd je vermogen tijdelijk direct beschikbaar voor een verbouwing, investering of overname, dan val je vaak onder het forfait. Heb je als belegger sterke jaren, dan betaal je via het forfait juist minder belasting. Je betaalt dus maximaal het bedrag dat bij het forfait hoort.
De opgaaf in de praktijk
Je levert het tegenbewijs met je aangifte inkomstenbelasting. Vanaf belastingjaar 2025 geef je het werkelijke rendement op in die aangifte zelf en onderbouw je het met je jaardossier. Het aparte formulier Opgaaf werkelijk rendement is voor 2024 en eerder. De Belastingdienst toetst de opgaaf aan de aangeleverde gegevens. Met de box 3-calculator zie je een eerste indicatie. We rekenen elk jaar beide mogelijkheden door, forfait en werkelijk rendement. Jij kiest pas daarna.
Tegenbewijsregeling of spaargeld-BV
Beide opties lossen hetzelfde probleem op, namelijk belasting over rendement dat alleen op papier bestond. Ze verschillen in schaal. De tegenbewijsregeling kun je elk jaar toepassen. De administratie is de enige kostenpost en alles blijft binnen box 3. De spaargeld-BV is een blijvende oplossing. Ze is aantrekkelijk bij omvangrijk defensief vermogen, zeker als je al een holding hebt. Daarnaast kun je de belasting in box 2 uitstellen. Als vuistregel gebruik je eerst het tegenbewijs. Kies bij een groter vermogen voor de spaargeld-BV. Hoe je de overstap naar de BV maakt, lees je in vermogen naar de BV verplaatsen.
Het nieuwe stelsel vanaf 2028
De tegenbewijsregeling geldt tot het nieuwe stelsel ingaat. Het kabinet wilde de Wet werkelijk rendement box 3 per 1 januari 2028 invoeren. Op 14 september 2026 vroeg het de Eerste Kamer dat voorstel aan te houden. Op 29 september 2026 koos het kabinet een nieuwe richting. Vanaf 2028 wil het de winst op beleggingen pas belasten bij verkoop. Voor vastgoed stond dat al vanaf 2028 in het wetsvoorstel. Vanaf 2030 wil het dat ook doen voor de rest van het vermogen. Dat moet nog wet worden. Tot het nieuwe stelsel ingaat, kan de regeling je elk jaar geld besparen als je onder het forfait valt. Het dossier dat je nu opbouwt, heb je ook nodig onder een nieuw stelsel. De stand na Prinsjesdag lees je in het Prinsjesdag-overzicht.
Reken met de vermogensplanner 2027 uit wat de plannen betekenen voor salaris, dividend, winst in de BV en privévermogen in box 3. De uitkomsten voor 2026 en 2027 zijn naast elkaar te zien.