De twee pijlers van de regeling
Stand 18 augustus 2026. Deze pagina beschrijft aangekondigd beleid uit de Voorjaarsnota 2026, het coalitieakkoord en de lopende internetconsultaties. Het parlement behandelt het pakket Belastingplan 2027 vanaf Prinsjesdag, dinsdag 15 september 2026; wij werken deze pagina bij zodra besluiten vallen.
Heffing bij verkoop. De loonheffing over het optievoordeel verschuift als hoofdregel naar het moment waarop de werknemer de verkregen aandelen verkoopt. Daarmee valt het belastingmoment samen met het moment waarop er daadwerkelijk geld binnenkomt — het liquiditeitsprobleem dat de oude regeling zo knellend maakte, is daarmee opgelost.
De 65%-grondslag. Van het voordeel telt 65% als loon; de resterende 35% blijft buiten de heffing. Bij een optievoordeel van €100.000 en het toptarief van 49,5% daalt de effectieve druk daarmee van €49.500 naar ongeveer €32.175.
Wie kwalificeert
De regeling richt zich op startups en scale-ups: ondernemingen gericht op snelle groei, met een schaalbaar en herhaalbaar verdienmodel dat zijn oorsprong vindt in innovatie, met aandelen buiten de beurs en met hooguit 25% van de aandelen in handen van een beursgenoteerde partij. De onderneming vraagt een beschikking aan bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Opties die kwalificeren als lucratief belang vallen buiten de regeling — relevant voor participaties met hefboomstructuren, zie lucratief belang richting 2028.
Het overgangsrecht: 17 april 2025
Opties die op of na 17 april 2025 zijn toegekend en eind 2026 de loonsfeer nog moeten verlaten, kunnen onder de nieuwe regeling vallen. Founders die dit jaar een optieplan opzetten, doen er dus verstandig aan de toekenning en de voorwaarden nu al op de nieuwe regeling in te richten: de datum van toekenning telt.
Ook in box 3: vermogenswinst voor startup-aandelen
Het wetsvoorstel werkt door in het nieuwe box 3-stelsel per 2028: aandelen in kwalificerende startups en scale-ups vallen daar onder een vermogenswinstregime, met afrekening pas bij verkoop. Beleggers en angel-investeerders rekenen daarmee op hetzelfde geduldige moment af als de werknemers. De bredere box 3-context staat op box 3 richting 2028.
Actie voor founders
Drie stappen vóór 1 januari: toets of de onderneming aan de definitie voldoet en bereid de RVO-aanvraag voor; richt het optieplan zo in dat toekenningen onder het overgangsrecht en de nieuwe regeling vallen; en weeg de regeling naast bestaande vormen als certificaten via een stichting administratiekantoor (STAK). De dekking van de regeling raakt overigens de IB-ondernemer: de meewerkaftrek en stakingsaftrek gaan per 2027 fors omlaag — die kant van de medaille staat op eenmanszaak naar BV in 2027. Het complete overzicht: Belastingplan 2027 voor de DGA.