De drie methoden voor gebruikelijk loon

De Belastingdienst bepaalt het gebruikelijk loon via een van drie methoden:

  1. 75%-regel: 75% van het loon van de meest vergelijkbare dienstbetrekking.
  2. Vergelijkbare werknemer in het bedrijf: als er een werknemer is die meer verdient dan de DGA, mag het DGA-loon niet lager zijn.
  3. Wettelijk minimum: €56.000 (2026), tenzij je kunt aantonen dat het marktloon lager is.

Het gebruikelijk loon is de hoogste van de drie uitkomsten.

Wanneer geldt het gebruikelijk loon?

Het gebruikelijk loon geldt voor DGA's die werken voor hun eigen BV én een aanmerkelijk belang (5%+) hebben in die BV. Als je slechts aandeelhouder bent en niet werkt voor de BV, hoef je geen gebruikelijk loon te ontvangen.

Uitzonderingen en afwijkingen

  • Als de BV verlieslijdend is of geen liquide middelen heeft, kun je een lager salaris afspreken.
  • Start-ups kunnen in de eerste fase een afwijking aanvragen bij de Belastingdienst.